LogoHDS 18/18-4 S Classic
  • Algemene instructies
  • Milieubescherming
    • Aanvullende opmerkingen inzake de milieubescherming
  • Overzicht apparaat
    • Beschrijving apparaat
    • Bedieningsveld
  • Symbolen op het apparaat
  • Reglementair gebruik
    • Grenswaarden voor de watertoevoer
  • Veiligheidsinstructies
  • Veiligheidsinrichtingen
    • Overstroomklep met drukschakelaar
    • Veiligheidsventiel
    • Watertekortbeveiliging
    • Afvoergas-temperatuurbegrenzer
    • Vlambewaking
    • Overstroombeveiliging
    • Temperatuursensor
    • Beveiligingspal
    • Stand-bytijd
  • Inbedrijfstelling
    • Oliepeil van de hogedrukpomp controleren
    • Toebehoren monteren
    • Systeemonderhoud
      • Systeemonderhoud bepalen
      • Systeemonderhoud bijvullen
    • Brandstof bijvullen
    • Wateraansluiting
    • Elektrische aansluiting
  • Bediening
    • Hogedrukpistool openen/sluiten
    • Mondstuk vervangen
    • Apparaat inschakelen
    • Werkdruk en opvoerhoeveelhid instellen
      • Druk-/volumeregeling van de pompeenheid
      • Druk-/volumeregeling op het hogedrukpistool
    • Reiniging
    • Gebruik met koud water
    • Eco-niveau
    • Gebruik met heet water
      • Aanbevolen reinigingstemperaturen
    • Gebruik met 2 straalbuizen
    • Werking onderbreken
    • Apparaat uitschakelen
    • Apparaat opbergen
    • Vorstbescherming
    • Buitengebruikstelling
      • Water aftappen
      • Het apparaat door met antivries doorspoelen
  • Vervoer
    • Kraantransport
  • Opslag
  • Verzorging en onderhoud
    • Veiligheidsinspectie/onderhoudscontract
    • Onderhoudsintervallen
      • Wekelijks
      • Om de 500 bedrijfsuren, minstens jaarlijks
    • Onderhoudswerkzaamheden
      • Het watertoevoerfilter reinigen.
      • Fijnfilter reinigen
      • Brandstofzeef reinigen
      • Brandstoffilter reinigen
      • Olie verversen
  • Hulp bij storingen
    • Betekenis van de led-indicatoren
      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 2x

      • Het controlelampje service knippert 3x

      • Het controlelampje Service knippert 4x

      • Het controlelampje Service knippert 5x

      • Het controlelampje Service knippert 6x

      • Het controlelampje Service knippert 7x

      • Het controlelampje Service knippert 8x

      • Led voor systeemonderhoud brandt

      • Pomp komt niet onder druk
      • Geklop uit hogedrukpomp
      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.
      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is
    • Wie mag er storingen verhelpen?
      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 2x

      • Het controlelampje service knippert 3x

      • Het controlelampje Service knippert 4x

      • Het controlelampje Service knippert 5x

      • Het controlelampje Service knippert 6x

      • Het controlelampje Service knippert 7x

      • Het controlelampje Service knippert 8x

      • Led voor systeemonderhoud brandt

      • Pomp komt niet onder druk
      • Geklop uit hogedrukpomp
      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.
      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is
    • Fouten opsporen/verhelpen
      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 2x

      • Het controlelampje service knippert 3x

      • Het controlelampje Service knippert 4x

      • Het controlelampje Service knippert 5x

      • Het controlelampje Service knippert 6x

      • Het controlelampje Service knippert 7x

      • Het controlelampje Service knippert 8x

      • Led voor systeemonderhoud brandt

      • Pomp komt niet onder druk
      • Geklop uit hogedrukpomp
      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.
      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is
    • Klantenservice
      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 1x

      • Het controlelampje Service knippert 2x

      • Het controlelampje service knippert 3x

      • Het controlelampje Service knippert 4x

      • Het controlelampje Service knippert 5x

      • Het controlelampje Service knippert 6x

      • Het controlelampje Service knippert 7x

      • Het controlelampje Service knippert 8x

      • Led voor systeemonderhoud brandt

      • Pomp komt niet onder druk
      • Geklop uit hogedrukpomp
      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.
      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is
  • Garantie
  • Toebehoren en reserveonderdelen
  • EU-conformiteitsverklaring
  • Technische gegevens

      HDS 18/18-4 S Classic

      59802380 (09/25)

      Algemene instructies

      Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u deze oorspronkelijke gebruiksaanwijzing en de meegeleverde veiligheidsinstructies door te lezen Handel dienovereenkomstig.

      Bewaar beide documenten voor later gebruik of volgende eigenaars.

      • Wanneer de gebruiksaanwijzing en de veiligheidsinstructies niet worden opgevolgd, kan dit schade aan het toestel en gevaar voor de bediener en andere personen tot gevolg hebben.

      • Bij transportschade de dealer onmiddellijk op de hoogte brengen.

      • Controleer bij het uitpakken of de verpakkingsinhoud compleet is en niet beschadigd is. Leveringsomvang zie afbeelding A.

      • Neem bij een bedrijfshoogte van meer dan ca. 800 m boven NAP contact op met uw dealer om de instelling van de brander aan de hoogte en het lagere zuurstofgehalte aan te passen.

      Milieubescherming

      De verpakkingsmaterialen zijn herbruikbaar. Verwijder verpakkingen op een milieuvriendelijke manier.

      Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak bestanddelen zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd afvalverwijdering een potentieel gevaar voor de gezondheid van de mens en voor het milieu kunnen vormen. Voor een correcte werking van het apparaat zijn deze bestanddelen echter noodzakelijk. Voer apparaten met dit symbool niet samen met het huisvuil af.

      Instructies betreffende ingrediënten (REACH)

      Actuele informatie over ingrediënten vindt u op: www.kaercher.de/REACH

      Aanvullende opmerkingen inzake de milieubescherming

      Zorg ervoor dat motorolie, stookolie, diesel en benzine niet in het milieu terechtkomen. Bescherm de grond en verwijder afgewerkte olie op milieuvriendelijke wijze.

      Overzicht apparaat

      Beschrijving apparaat


      1. Brander
      2. Branderventilator
      3. Magneetventiel brandstof
      4. Brandstofpomp
      5. Watertekortbeveiliging en veiligheidsventiel
      6. Typeplaatje
      7. Vulopening voor brandstof (tankdop)
      8. Wateraansluiting
      9. Brandstoffilter
      10. Brandstofzeef
      11. Brandstofreservoir
      12. Elektromotor
      13. Watertoevoerfilter
      14. Druk-/volumeregeling van de pompeenheid
      15. Drukschakelaar
      16. Oliepeilindicatie
      17. Olieaftapplug
      18. Olievulplug
      19. Pompeenheid
      20. Elektrische toevoerleiding
      21. Fijnfilter (water)
      22. Hogedrukaansluiting
      23. Temperatuursensor
      24. Vlotterbak
      25. Deksel van de vlottertank
      26. Vulopening voor systeemonderhoud RM 110/RM 111
      27. Slanghouder
      28. Ontstekingstransformator
      29. Houder voor hogedrukpistool met straalbuis
      30. Hogedrukslang
      31. Zwenkwiel met parkeerrem
      32. Bevestigingsschroef voor kap
      33. Wartelmoer
      34. Leegmeldingsensor brandstof
      35. Bedieningsveld
      36. Kap
      37. Druk-/volumeregeling op het hogedrukpistool
      38. Veiligheidshendel
      39. Triggerhendel
      40. Hogedrukpistool
      41. Hogedruksproeier
      42. Straalbuis
      43. Veiligheidspal van het hogedrukpistool
      44. Kabelhouder
      45. Beugel voor kraantransport
      46. Frame

      Bedieningsveld


      0 = uit

      1. Apparaatschakelaar
      2. Bedrijfsmodus: Gebruik met koud water
      3. Bedrijfsmodus: Gebruik met heet water (e = eco-stand, heet water max. 60 °C)
      4. Service (alleen voor klantenservice)
      5. Code voor informatie
      6. Controlelampje draairichting
      7. Controlelampje service
      8. Controlelampje bedrijfsgereedheid
      9. Controlelamp brandstof
      10. Controlelampje systeemonderhoud

      Symbolen op het apparaat

       
      De hogedrukstraal niet op personen, dieren, actieve elektrische uitrusting of het apparaat zelf richten.
      Het apparaat tegen vorst beschermen.
       
      Gevaar door elektrische spanning. Uitsluitend elektriciens of daartoe bevoegde vakmensen mogen werkzaamheden aan de elektrotechnische installatie uitvoeren.
       
      Overeenkomstig de voorschriften mag het apparaat nooit zonder systeemscheider op het drinkwaternet worden gebruikt. Zorg ervoor dat de aansluiting van uw waterinstallatie, waarop de hogedrukreiniger wordt aangesloten, met een systeemscheider conform EN 12729 type BA is uitgerust. Water dat door een systeemscheider stroomt, geldt niet meer als drinkwater.
      Sluit de systeemscheider altijd aan op de watertoevoer, nooit direct op het apparaat.
      Gezondheidsrisico door giftige uitlaatgassen. Adem de uitlaatgassen niet in.
      Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken.
       
      Code voor informatie

      Reglementair gebruik

      Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor als reinigingsapparaat, bijv. voor machines, voertuigen, gebouwen, gereedschappen, gevels, patio's en tuinapparatuur.

      GEVAAR

      Gebruik bij tankstations of andere gevarenzones

      Gevaar voor letsel

      Neem de desbetreffende veiligheidsvoorschriften in acht.

      Instructie

      Voorkom dat afvalwater met minerale olie in de grond, water of riolering terechtkomt. Motor wassen of ondergrond wassen alleen op geschikte plaatsen met olieafscheider uitvoeren.

      Grenswaarden voor de watertoevoer

      LET OP

      Vervuild water

      Vroegtijdige slijtage of afzettingen in het apparaat

      Gebruik het apparaat enkel met zuiver water of met recyclingwater dat de grenswaarden niet overschrijdt.

      Voor de watertoevoer gelden volgende grenswaarden:

      • pH-waarde: 6,5-9,5

      • Elektrisch geleidingsvermogen: Geleidingsvermogen van schoon water + 1200 µS/cm, maximaal geleidingsvermogen 2000 µS/cm

      • Afzetbare stoffen (testvolume 1 l, afzettingstijd 30 minuten): < 0,5 mg/l

      • Filtreerbare stoffen: < 50 mg/l, geen abrasieve stoffen

      • koolwaterstoffen: < 20 mg/l

      • chloride: < 300 mg/l

      • sulfaat: < 240 mg/l

      • calcium: < 200 mg/l

      • totale hardheid: < 28 °dH, < 50° TH, < 500 ppm (mg CaCO3/l)

      • ijzer: < 0,5 mg/l

      • mangaan: < 0,05 mg/l

      • koper: < 2 mg/l

      • actieve chloor: < 0,3 mg/l

      • Vrij van onaangename geuren

      Veiligheidsinstructies

      Voor het apparaat gelden de volgende veiligheidsinstructies:

      • Neem de betreffende nationale voorschriften van de wetgever voor vloeistofstralers in acht.

      • Neem de betreffende nationale voorschriften van de wetgever inzake ongevallenpreventie in acht. Vloeistofstralers moeten regelmatig worden getest en het resultaat van de test schriftelijk worden vastgelegd.

      • Bedenk dat de verwarming van het apparaat een stookinstallatie is. Stookinstallaties moeten regelmatig conform de betreffende nationale voorschriften van de wetgever worden getest.

      • Aan het apparaat en aan de toebehoren mogen geen veranderingen worden aangebracht.

      • Om gevaar door te hoge temperaturen te voorkomen, moet u bij werktemperaturen boven 60 °C de druk-/debietregeling van de pompeenheid op MAX instellen.

      Veiligheidsinrichtingen

      Veiligheidsinrichtingen dienen voor de bescherming van de gebruiker en mogen niet buiten werking worden gesteld of worden overbrugd.

      Overstroomklep met drukschakelaar

      • Als de hoeveelheid water aan de pompkop of met de druk-/volumeregeling op het hogedrukpistool wordt gereduceerd, gaat de overstroomklep open en stroomt een deel van het water terug naar de zuigzijde van de pomp.

      • Wanneer het hogedrukpistool wordt gesloten, gaat de overstroomklep open en al het water stroomt terug naar de aanzuigzijde van de pomp. De drukschakelaar op de overstroomklep stuurt een signaal naar de besturing, die de pomp na afloop van een nalooptijd van ongeveer 30 seconden uitschakelt.

      • Wanneer het hogedrukpistool weer wordt geopend, schakelt de drukschakelaar op de overstroomklep de pomp weer in.

      • De overloopklep is af fabriek ingesteld en verzegeld. De instelling wordt uitgevoerd door de klantenservice.

      Veiligheidsventiel

      • Het veiligheidsventiel gaat open als de druk in het systeem te hoog is.

      • De veiligheidsklep is af fabriek ingesteld en verzegeld. De instelling wordt uitgevoerd door de klantenservice.

      Watertekortbeveiliging

      De watertekortbeveiliging verhindert dat de brander wordt ingeschakeld bij watertekort.

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer

      De uitlaatgastemperatuur-begrenzer schakelt het apparaat uit, als de uitlaatgastemperatuur te hoog is.

      Vlambewaking

      Het vlambewakingssysteem controleert de lichtsterkte van de vlam op de brander en schakelt de brander uit in geval van een storing.

      Overstroombeveiliging

      De stroom van het apparaat wordt begrensd door de HDS-besturingsprintplaat. Bovendien worden de ventilatormotor en de pompmotor elk beschermd door een wikkelingsbeveiligingscontact.

      Temperatuursensor

      De temperatuursensor schakelt de brander uit wanneer de ingestelde watertemperatuur bereikt wordt.

      Beveiligingspal

      De veiligheidspal op het hogedrukpistool voorkomt dat het apparaat per ongeluk wordt ingeschakeld.

      Stand-bytijd

      Als het apparaat 30 minutenlang niet wordt gebruikt, dan schakelt het uit. De stand-bytijd kan door de klantenservice worden geactiveerd en gedeactiveerd via het servicemenu.

      Inbedrijfstelling

      WAARSCHUWING

      Beschadigde componenten

      Gevaar voor letsel

      Controleer apparaat, toebehoren, toevoerleidingen en aansluitingen op onberispelijke toestand. Als de toestand niet perfect is, mag u het apparaat niet gebruiken.
      1. De parkeerrem vergrendelen.

      Oliepeil van de hogedrukpomp controleren

      LET OP

      Melkachtige olie

      Schade aan het apparaat

      Als de olie melkachtig is, neem dan onmiddellijk contact op met de geautoriseerde klantenservice.
      1. Het apparaat op een vlakke ondergrond zetten.

      2. Het oliepeil van de hogedrukpomp bij de oliepeilindicatie controleren.

        Het oliepeil moet zich in het midden van de oliepeilindicatie bevinden.

      3. Indien nodig olie bijvullen.

      Toebehoren monteren

      Instructie

      Het EASY!Lock-systeem verbindt componenten door een snelschroefdraad met slechts een omwenteling snel en veilig.

      1. De straalbuis met de hogedrukpistool verbinden en handvast aantrekken (EASY!Lock).


      2. De hogedruksproeier op de straalbuis steken.

      3. De wartelmoer monteren en handvast aantrekken (EASY!Lock).

      4. De hogedrukslang met de hogedrukpistool en de hogedrukaansluiting van het apparaat verbinden en handvast aantrekken (EASY!Lock)

      Systeemonderhoud

      Systeemonderhoud bepalen

      Instructie

      RM 110 voorkomt verkalking van de heetwaterslang in geval van hard water.

      Instructie

      RM 111 dient bij zacht water als pompverzorging en ter bescherming tegen zwartwatervorming.

      Waterhardheid (°dH)
      Te gebruiken systeemonderhoud
      <3
      RM 111
      >3
      RM 110
      1. Bepaal de plaatselijke waterhardheid via het plaatselijke waterleidingbedrijf of met een hardheidsmeter (bestelnummer 6.768-004.0).

      Systeemonderhoud bijvullen

      Instructie

      Het systeemonderhoud is niet in de leveringsomvang inbegrepen.

      • Het systeemonderhoud voorkomt op een doeltreffende manier verkalking van de heetwaterslang bij werking met kalkhoudend leidingwater. Het wordt druppelsgewijs gedoseerd aan de toevoer van de vlottertank.

      • De dosering is in de fabriek op een gemiddelde waterhardheid ingesteld. Het apparaat kan door de klantenservice worden aangepast aan de plaatselijke waterhardheid.

      1. Het systeemonderhoud bijvullen.

      Brandstof bijvullen

      GEVAAR

      Ongeschikte brandstof

      Explosiegevaar

      Vul alleen dieselbrandstof of lichte stookolie bij. Ongeschikte brandstoffen, bijv. benzine, mogen niet worden gebruikt.

      LET OP

      Gebruik met een lege brandstoftank

      Vernieling van de brandstofpomp

      Gebruik het apparaat nooit met een lege brandstoftank.
      1. De reservoirsluiting openen.

      2. Vul brandstof bij.

      3. De reservoirafsluiting sluiten.

      4. Eventueel overgelopen brandstof wegvegen.

      Wateraansluiting

      • Aansluitwaarden zie Technische gegevens.

      Instructie

      De watertoevoerslang is niet bij de leveringsomvang inbegrepen.

      1. Sluit de toevoerslang (minimale lengte 7,5 m, minimale diameter 1“) aan op de wateraansluiting van het apparaat en op de watertoevoer (bijvoorbeeld een waterkraan).

      2. De watertoevoer openen.

      Elektrische aansluiting

      GEVAAR

      Ongeschikte elektrische verlengkabels

      Elektrische schok

      Gebruik buiten alleen daarvoor toegestane en overeenkomstig gemarkeerde elektrische verlengkabels waarvan de diameter groot genoeg is.Zorg ervoor dat de stekker en koppeling van een gebruikte verlengkabel waterdicht zijn.Rol verlengsnoeren altijd volledig uit.

      LET OP

      Overschrijding van de netwerkimpedantie

      Elektrische schok bij kortsluiting

      De maximaal toegestane netimpedantie op het elektrische aansluitpunt (zie technische gegevens) mag niet worden overschreden.Bij onduidelijkheden over de op uw aansluitpunt bestaande netimpedantie neemt u contact op met uw energiebedrijf.
      • Aansluitwaarden, zie technische gegevens en typeplaatje.

      • De elektrische aansluiting moet door een elektricien worden uitgevoerd en voldoen aan IEC 60364-1.

      Bediening

      GEVAAR

      Brandbare vloeistoffen

      Explosiegevaar

      Sproei geen ontvlambare vloeistoffen.

      GEVAAR

      Gebruik zonder straalbuis

      Gevaar voor letsel

      Gebruik het apparaat nooit zonder gemonteerde straalbuis.Controleer voor elk gebruik of het mondstuk stevig vastzit. De schroefverbinding van de straalbuis moet handvast zijn vastgedraaid.

      GEVAAR

      Hogedrukwaterstraal

      Gevaar voor letsel

      Bevestig de trekker en de veiligheidshendel nooit in geactiveerde positie.Gebruik het hogedrukpistool niet als de veiligheidshendel beschadigd is.Plaats voor alle werkzaamheden aan het apparaat de veiligheidsgrendel van het hogedrukpistool naar voren.Houd de hogedrukpistool en de straalbuis met beide handen vast.

      GEVAAR

      Gevaar door beschadigd netsnoer

      Elektrische schok

      Zorg ervoor dat het netsnoer tijdens de werkings niet in contact komt met de brander (heet).

      LET OP

      Gebruik met een lege brandstoftank

      Vernieling van de brandstofpomp

      Gebruik het apparaat nooit met een lege brandstoftank.

      Hogedrukpistool openen/sluiten

      1. Hogedrukpistool openen: De veiligheidshendel en de trekker bedienen.

      2. Hogedrukpistool sluiten: De veiligheidshendel en de trekker loslaten.

      Mondstuk vervangen

      1. Schakel het apparaat uit en bedien het hogedrukpistool tot het apparaat drukloos is.

      2. Beveilig het hogedrukpistool; duw hiervoor de veiligheidsgrendel naar voren.

      3. Vervang de nozzle.

      Apparaat inschakelen

      1. De apparaatschakelaar in de gewenste bedrijfsmodus zetten. De controlelamp Bedrijfsgereedheid brandt. Het apparaat start kort en schakelt uit, zodra de werkdruk is bereikt.

        Instructie

        Als het controlelampje Draairichting brandt tijdens gebruik, het apparaat onmiddellijk uitschakelen en de storing verhelpen. Zie hulp bij storingen.

      2. Ontgrendel het hogedrukpistool; duw hiervoor de veiligheidsgrendel naar achteren. Bij bediening van het hogedrukpistool schakelt het apparaat weer in.

        Instructie

        Als er geen water uit de hogedruknozzle treedt, de pomp ontluchten. Zie hulp bij storingen - apparaat bouwt geen druk op.

      Werkdruk en opvoerhoeveelhid instellen

      Druk-/volumeregeling van de pompeenheid

      1. Draai de regelspindel met de klok mee: de werkdruk verhogen (MAX).

      2. Draai de regelspindel tegen de klok in: de werkdruk verlagen (MIN).

      Druk-/volumeregeling op het hogedrukpistool

      GEVAAR

      Gevaar door losse straalbuis

      Gevaar voor letsel

      Let er bij het instellen van de druk-/hoeveelheidsregeling op dat de schroefverbinding van de straalbuis niet losraakt.

      Instructie

      Wil je langdurig met gereduceerde druk werken, stel de druk dan in op de druk-/volumeregeling van de pompeenheid.

      1. De apparaatschakelaar op max. 90 °C instellen.

      2. Stel de werkdruk op de druk-/volumeregeling van de pompeenheid in op de maximale waarde.

      3. Stel de werkdruk en het volume in door de druk-/volumeregeling op het hogedrukpistool te draaien (traploos) (+/-).

      Reiniging

      Instructie

      De hogedrukstraal altijd eerst vanaf grotere afstand en met lage temperatuur op het te reinigen object richten om beschadiging door te hoge druk en temperatuur te voorkomen.

      1. De reinigingstemperatuur instellen naar gelang van het te reinigen oppervlak.

      Gebruik met koud water

      Voor het verwijderen van lichte vervuiling en voor spoelen, bijv. tuingereedschap, terras, gereedschap.

      Eco-niveau

      Het apparaat werkt in het meest rendabele temperatuurbereik (max. 60 °C).

      Gebruik met heet water

      GEVAAR

      Heet water

      Gevaar voor brandwonden

      Vermijd contact met heet water.

      GEVAAR

      Gevaar door te hoge temperaturen

      Verbrandingsgevaar

      Om gevaar door te hoge temperaturen te voorkomen, moet u bij werktemperaturen boven 60 °C de druk-/debietregeling van de pompeenheid op MAX instellen.

      Instructie

      Na gebruik met heet water kunnen soms waterdruppels uit het veiligheidsventiel ontsnappen ten gevolge van de restwarmte in de ketel.

      1. De apparaatschakelaar instellen op de gewenste temperatuur.

      Aanbevolen reinigingstemperaturen

      • 30-50 °C: Lichte vervuiling

      • Max. 60 °C: Eiwithoudend vuil, bijv. in de levensmiddelenindustrie

      • 60-90 °C: Autoreiniging, machinereiniging

      Gebruik met 2 straalbuizen

      Met een verdeler kan het apparaat ook worden gebruikt met 2 straalbuizen.

      1. Schakel het apparaat uit.

      2. Maak het apparaat drukloos door het hogedrukpistool te openen.

      3. Haal de hogedrukslang van de hogedrukaansluiting.

      4. Bevestig een verdeler (4.111-024.0) aan de hogedrukaansluiting.

      5. Bevestig een hogedrukslang aan beide uitgangen van de verdeler.

      6. Bevestig een pistool en straalbuis aan beide hogedrukslangen. Gebruik sproeiers die half zo groot zijn als de standaard sproeier.

        Voorbeeld:

        Grote standaard sproeier: 100

        Grote sproeier met 2 pistolen: 50

      Werking onderbreken

      1. Beveilig het hogedrukpistool; duw hiervoor de veiligheidsgrendel naar voren.

      Apparaat uitschakelen

      GEVAAR

      Gevaar door heet water

      Verbrandingsgevaar

      Laat het apparaat na gebruik met heet water ter afkoeling minimaal 2 minuten met koud water en geopend pistool lopen.
      1. De watertoevoer sluiten.

      2. De hogedrukpistool openen.

      3. Schakel de pomp in met de apparaatschakelaar en laat deze 5-10 seconden draaien.

      4. De hogedrukpistool sluiten.

      5. De apparaatschakelaar op ‘0’ zetten.

      6. Trek de netstekker met droge handen uit het stopcontact.

      7. Verwijder de wateraansluiting.

      8. Het hogedrukpistool bedienen tot het apparaat drukloos is.

      9. Beveilig het hogedrukpistool. Duw hiervoor de veiligheidsgrendel naar voren.

      Apparaat opbergen

      Instructie

      Knik de hogedrukslang en de elektrische leiding niet.

      1. Het hogedrukpistool met straalbuis in de houder op het frame eggen.

      2. Rol de hogedrukslang en de elektrische kabel op en hang ze aan de houders.

      Vorstbescherming

      LET OP

      Gevaar door vorst

      Vernietiging van het apparaat door bevriezend water.

      Bewaar het apparaat dat niet volledig is afgetapt op een vorstvrije plaats.

      Bij apparaten die op een schoorsteen zijn aangesloten, moet de binnendringende, koude lucht in acht worden genomen.

      LET OP

      Koude lucht komt binnen via de schoorsteen

      Beschadigingsgevaar

      Koppel het apparaat los van de haard, als de buitentemperatuur lager is dan 0 °C.
      1. Schakel het apparaat uit, als een vorstvrije opslag niet mogelijk is.

      Buitengebruikstelling

      Voor langere pauzes van bedrijf of als vorstvrij opbergen niet mogelijk is:

      1. Het water aflaten.

      2. Het apparaat met antivries spoelen.

      Water aftappen

      1. Schroef de watertoevoerslang en de hogedrukslang los.

      2. Schroef de toevoerleiding aan de ketelonderzijde los en tap de verwarmingsslang af.

      3. Het apparaat maximaal 1 minuut laten lopen, tot de pomp en de leidingen leeg zijn.

      Het apparaat door met antivries doorspoelen

      Instructie

      De instructies van de fabrikant van het vorstbeschermingsmiddel in acht nemen.

      1. Giet een in de handel verkrijgbaar antivriesmiddel in de vlotterbak.

      2. Schakel het apparaat (zonder brander) in tot het volledig is doorgespoeld.

      Dit biedt ook een zekere mate van bescherming tegen corrosie.

      Vervoer

      LET OP

      Ondeskundig transport

      Beschadigingsgevaar

      Bescherm de trekker van het hogedrukpistool tegen beschadiging.

      VOORZICHTIG

      Niet in acht nemen van het gewicht

      Gevaar voor letsel en beschadiging

      Houd bij het vervoer rekening met het gewicht van het apparaat.
      1. Een spanband tussen het wiel en het frame over de bodemplaat leiden om het apparaat vast te zetten. De afbeelding volgen.


      2. Bij vervoer in voertuigen het apparaat conform de richtlijnen beveiligen tegen wegglijden en omvallen.

      Kraantransport

      GEVAAR

      Ondeskundig kraantransport

      Verwondingsgevaar door vallend apparaat of vallende voorwerpen

      Neem de plaatselijke voorschriften inzake ongevallenpreventie, de wetgeving en de veiligheidsvoorschriften in acht.Het apparaat mag alleen door personen met de kraan worden vervoerd die over de bediening van de kraan zijn geïnstrueerd.Controleer de takel voor elk kraantransport op beschadiging.Vóór elk kraantransport de beugel voor kraantransport controleren op beschadiging.Het apparaat alleen optillen in het midden van de beugel voor kraantransport.Gebruik geen aanslagkettingen.Beveilig de hijsinrichting, zodat de last niet per ongeluk los kan raken.Verwijder vóór het kraantransport de straalbuis met het hogedrukpistool en andere losse voorwerpen.Vervoer tijdens het hijsen geen voorwerpen op het apparaat.Ga niet onder de last staan.Let erop dat zich in de gevarenzone van de kraan geen personen bevinden.Laat het apparaat niet zonder toezicht aan de kraan hangen.
      1. De hefinrichting aan de beugel voor kraantransport van het apparaat bevestigen.


      Opslag

      VOORZICHTIG

      Niet in acht nemen van het gewicht

      Gevaar voor letsel en beschadiging

      Houd bij de opslag rekening met het gewicht van het apparaat.

      Verzorging en onderhoud

      GEVAAR

      Per ongeluk opstartend apparaat, contact van stroomvoerende delen

      Verwondingsgevaar, elektrische schok

      Schakel vóór werkzaamheden aan het apparaat het apparaat uit.Trek de netstekker eruit.
      1. De watertoevoer sluiten.

      2. De hogedrukpistool openen.

      3. Schakel de pomp in met de apparaatschakelaar en laat deze 5-10 seconden draaien.

      4. De hogedrukpistool sluiten.

      5. De apparaatschakelaar op ‘0’ zetten.

      6. Trek de netstekker met droge handen uit het stopcontact.

      7. Verwijder de wateraansluiting.

      8. Het hogedrukpistool bedienen tot het apparaat drukloos is.

      9. Beveilig het hogedrukpistool. Duw hiervoor de veiligheidsgrendel naar voren.

      10. Het apparaat laten afkoelen.

      Veiligheidsinspectie/onderhoudscontract

      Met uw dealer kunt u een regelmatige veiligheidsinspectie vastleggen of een onderhoudscontract afsluiten. Vraag hierover advies.

      Onderhoudsintervallen

      Wekelijks

      LET OP

      Melkachtige olie

      Schade aan het apparaat

      Als de olie melkachtig is, neem dan onmiddellijk contact op met de geautoriseerde klantenservice.
      1. Het waterinlaatfilter reinigen.

      2. Het fijnfilter reinigen.

      3. De brandstofzeef reinigen.

      4. Het brandstoffilter reinigen.

      5. Het oliepeil controleren.

      6. Het vulniveau van het systeemonderhoudsreservoir controleren. Het systeemonderhoud bijvullen indien nodig.

      Om de 500 bedrijfsuren, minstens jaarlijks

      1. De olie verversen.

      2. Het apparaat laten ontkalken door de klantenservice.

      3. Onderhoud aan het apparaat door de klantenservice laten uitvoeren.

      Onderhoudswerkzaamheden

      Het watertoevoerfilter reinigen.

      1. Het apparaat drukloos maken.

      2. De wartelmoer op het watertoevoerfilter demonteren en het filterelement verwijderen.


      3. Reinig het filterelement met schoon water of met perslucht.

      4. In omgekeerde volgorde monteren.

      Fijnfilter reinigen

      1. Het apparaat drukloos maken.

      2. De waterslang losschroeven van het fijnfilter.


      3. De wartelmoer op het fijnfilter demonteren en het filterelement verwijderen.

      4. Reinig het filterelement met schoon water of met perslucht.

      5. In omgekeerde volgorde monteren.

      Brandstofzeef reinigen

      1. De brandstofzeef schoonkloppen. Voorkom hierbij dat brandstof in het milieu terechtkomt.

      Brandstoffilter reinigen

      1. De 3 bevestigingsschroeven van de kap lossen en de kap verwijderen.

      2. Het brandstoffilter demonteren.

      3. Het brandstoffilter reinigen.

      4. Het brandstoffilter weer monteren.

      Olie verversen

      Oliesoort en vulhoeveelheid, zie technische gegevens.

      1. De 3 bevestigingsschroeven van de kap lossen en de kap verwijderen.

      2. De 2 bevestigingsschroeven tussen de brandstoftank en de elektrokast lossen.


      3. De elektrokast optillen en de brandstoftank in de richting van de branderventilator schuiven. De elektrokast op de motor neerzetten.

      4. Een geschikte opvangbak voor ongeveer 1,5 liter olie onder de pomp zetten.

      5. De olieaftapplug lossen.

      6. De olie in de opvangbak aftappen. Om de olie sneller en vollediger te laten weglopen, de olievulplug helemaal losdraaien.

        Instructie

        De oude olie op milieuvriendelijke wijze afvoeren of bij een geautoriseerde verzamelplaats afgeven.

      7. De olieaftapplug weer vastdraaien, koppel 20...25 Nm.

      8. Nieuwe olie langzaam bijvullen tot het midden van de oliepeilindicatie. Luchtbellen moeten kunnen ontsnappen.

      9. De olievulplug erin schroeven.

      10. De brandstoftank weer terugschuiven.

      11. Om de conversie ongedaan te maken, alle stappen in omgekeerde volgorde uitvoeren.

      Hulp bij storingen

      GEVAAR

      Per ongeluk opstartend apparaat, contact van stroomvoerende delen

      Verwondingsgevaar, elektrische schok

      Schakel vóór werkzaamheden aan het apparaat het apparaat uit.Trek de netstekker eruit.

      Betekenis van de led-indicatoren

      Led
      Knippercode
      Betekenis
      Led servicemenu (rood)
      -
      Rotatierichting (verkeerd draaiveld)
      Led Service (rood)
      Brandt
      Service/onderhoud uitvoeren
      knippert 1x
      Lekkage aan apparaat.
      knippert 2x
      Fout stroom/spanning:
      • Asymmetrie

      • Over-/onderstroom

      • Over-/onderspanning

      knippert 3x
      Fout in wikkelingsbeveiligingscontact
      knippert 4x
      Fout uitlaatgas
      knippert 5x
      Watertekort/droogloop
      knippert 6x
      Led vlamsensor te helder / te donker
      knippert 7x
      Fout temperatuursensor wateruitlaat
      knippert 8x
      Communicatiefout
      Led werking (groen)
      Brandt
      Normale werking zonder fouten
      knippert 1x
      Pomp heeft 30 minuten lang onafgebroken gedraaid
      knippert 2x
      Pomp staat al 30 minuten lang continu stil
      Led systeemonderhoud (oranje)
      Brandt
      Systeemonderhoud leeg
      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik 

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 2x 

      • Het controlelampje service knippert 3x 

      • Het controlelampje Service knippert 4x 

      • Het controlelampje Service knippert 5x 

      • Het controlelampje Service knippert 6x 

      • Het controlelampje Service knippert 7x 

      • Het controlelampje Service knippert 8x 

      • Led voor systeemonderhoud brandt 

      • Pomp komt niet onder druk 

      • Geklop uit hogedrukpomp 

      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is. 

      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is 

      Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      Oorzaak:

      Temperatuurregelaar te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De temperatuurregelaar hoger instellen.

      Oorzaak:

      De schakelaar van het apparaat staat niet op warm water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat op een hogere temperatuur instellen.

      Oorzaak:

      Watertekortbeveiliging in het veiligheidsblok is uitgeschakeld (led Service knippert 5 maal).

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      2. het apparaat op dichtheid controleren.

      Oorzaak:

      Maximumtemperatuurbegrenzer in de wateruitlaat (>  90 °C) is geactiveerd.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Temperatuurregelaar controleren.

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd (led Service knippert 4 maal)

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      Oorzaak:

      Rotatierichting verkeerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De polen in de apparaatstekker omwisselen.


      Het controlelampje Service knippert 1x

      Oorzaak:

      Lek in het hogedruksysteem

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer het hogedruksysteem en de aansluitingen op lekken.

      Het controlelampje Service knippert 2x

      Oorzaak:

      Fout in de spanningsvoorziening of stroomverbruik van de motor te hoog.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de spanningaansluiting en de netzekeringen.

      2. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje service knippert 3x

      Oorzaak:

      Motor overbelast of oververhit.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 4x

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 5x

      Oorzaak:

      Watertekort.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de wateraansluiting en de toevoerleidingen.

      Oorzaak:

      De reedschakelaar in de watertekortbeveiliging zit vast of de magneetzuiger is vastgelopen.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 6x

      Oorzaak:

      De vlamsensor heeft de brander uitgeschakeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 7x

      Oorzaak:

      Fout temperatuursensor wateruitlaat.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 8x

      Oorzaak:

      Communicatiefout.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Led voor systeemonderhoud brandt

      Oorzaak:

      Systeemonderhoud verbruikt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Systeemonderhoud bijvullen.

      Pomp komt niet onder druk

      Oorzaak:

      Sproeier uitgespoeld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Sproeier vervangen.

      Oorzaak:

      Niet genoeg water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      Oorzaak:

      Watertoevoerfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Fijnfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Vlotterklep zit klem.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleren of het ventiel vrij kan bewegen.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel lek.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De instellingen controleren.

      2. Indien nodig een nieuwe afdichting installeren.

      Oorzaak:

      Volumeregelventiel lekt of is te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De onderdelen van het ventiel controleren.

      2. De onderdelen vervangen als ze beschadigd zijn, of deze reinigen als ze vuil zijn.

      Oorzaak:

      Magneetventiel drukontlasting defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Het magneetventiel vervangen.

      Geklop uit hogedrukpomp

      Oorzaak:

      Waterpomp zuigt een kleine hoeveelheid lucht aan.

      Oplossing:

      Klantenservice

      1. Het aanzuigsysteem controleren en eventuele lekken verhelpen.

      Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.

      Oorzaak:

      Sproeier in de straalbuis verstopt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De sproeier controleren en reinigen.

      Oorzaak:

      Apparaat is verkalkt.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Ontkalk het apparaat.

      Oorzaak:

      Het schakelpunt van de overstroomklep is ontregeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De overstroomklep opnieuw afstellen.

      Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is

      Oorzaak:

      Lucht in de pomp.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat ontluchten.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel of afdichting veiligheidsventiel defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De veiligheidsklep of de afdichting vervangen.

      Oorzaak:

      Drukschakelaar defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Wie mag er storingen verhelpen?

      Bediener: werkzaamheden met de aanwijzing "Bediener" mogen alleen door geïnstrueerde personen worden uitgevoerd die hogedrukinstallaties veilig kunnen bedienen en er op veilige wijze onderhoud aan kunnen uitvoeren.

      Elektricien: werkzaamheden met de aanwijzing "Elektricien" mogen alleen worden uitgevoerd door personen met een opleiding op elektrotechnisch gebied.

      Serviceafdeling: werkzaamheden met de aanwijzing "Serviceafdeling" mogen alleen worden uitgevoerd door servicemonteurs van KÄRCHER of door monteurs die door KÄRCHER hiervoor zijn geautoriseerd.

      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik 

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 2x 

      • Het controlelampje service knippert 3x 

      • Het controlelampje Service knippert 4x 

      • Het controlelampje Service knippert 5x 

      • Het controlelampje Service knippert 6x 

      • Het controlelampje Service knippert 7x 

      • Het controlelampje Service knippert 8x 

      • Led voor systeemonderhoud brandt 

      • Pomp komt niet onder druk 

      • Geklop uit hogedrukpomp 

      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is. 

      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is 

      Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      Oorzaak:

      Temperatuurregelaar te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De temperatuurregelaar hoger instellen.

      Oorzaak:

      De schakelaar van het apparaat staat niet op warm water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat op een hogere temperatuur instellen.

      Oorzaak:

      Watertekortbeveiliging in het veiligheidsblok is uitgeschakeld (led Service knippert 5 maal).

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      2. het apparaat op dichtheid controleren.

      Oorzaak:

      Maximumtemperatuurbegrenzer in de wateruitlaat (>  90 °C) is geactiveerd.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Temperatuurregelaar controleren.

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd (led Service knippert 4 maal)

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      Oorzaak:

      Rotatierichting verkeerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De polen in de apparaatstekker omwisselen.


      Het controlelampje Service knippert 1x

      Oorzaak:

      Lek in het hogedruksysteem

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer het hogedruksysteem en de aansluitingen op lekken.

      Het controlelampje Service knippert 2x

      Oorzaak:

      Fout in de spanningsvoorziening of stroomverbruik van de motor te hoog.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de spanningaansluiting en de netzekeringen.

      2. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje service knippert 3x

      Oorzaak:

      Motor overbelast of oververhit.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 4x

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 5x

      Oorzaak:

      Watertekort.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de wateraansluiting en de toevoerleidingen.

      Oorzaak:

      De reedschakelaar in de watertekortbeveiliging zit vast of de magneetzuiger is vastgelopen.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 6x

      Oorzaak:

      De vlamsensor heeft de brander uitgeschakeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 7x

      Oorzaak:

      Fout temperatuursensor wateruitlaat.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 8x

      Oorzaak:

      Communicatiefout.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Led voor systeemonderhoud brandt

      Oorzaak:

      Systeemonderhoud verbruikt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Systeemonderhoud bijvullen.

      Pomp komt niet onder druk

      Oorzaak:

      Sproeier uitgespoeld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Sproeier vervangen.

      Oorzaak:

      Niet genoeg water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      Oorzaak:

      Watertoevoerfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Fijnfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Vlotterklep zit klem.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleren of het ventiel vrij kan bewegen.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel lek.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De instellingen controleren.

      2. Indien nodig een nieuwe afdichting installeren.

      Oorzaak:

      Volumeregelventiel lekt of is te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De onderdelen van het ventiel controleren.

      2. De onderdelen vervangen als ze beschadigd zijn, of deze reinigen als ze vuil zijn.

      Oorzaak:

      Magneetventiel drukontlasting defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Het magneetventiel vervangen.

      Geklop uit hogedrukpomp

      Oorzaak:

      Waterpomp zuigt een kleine hoeveelheid lucht aan.

      Oplossing:

      Klantenservice

      1. Het aanzuigsysteem controleren en eventuele lekken verhelpen.

      Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.

      Oorzaak:

      Sproeier in de straalbuis verstopt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De sproeier controleren en reinigen.

      Oorzaak:

      Apparaat is verkalkt.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Ontkalk het apparaat.

      Oorzaak:

      Het schakelpunt van de overstroomklep is ontregeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De overstroomklep opnieuw afstellen.

      Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is

      Oorzaak:

      Lucht in de pomp.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat ontluchten.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel of afdichting veiligheidsventiel defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De veiligheidsklep of de afdichting vervangen.

      Oorzaak:

      Drukschakelaar defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Fouten opsporen/verhelpen

      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik 

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 2x 

      • Het controlelampje service knippert 3x 

      • Het controlelampje Service knippert 4x 

      • Het controlelampje Service knippert 5x 

      • Het controlelampje Service knippert 6x 

      • Het controlelampje Service knippert 7x 

      • Het controlelampje Service knippert 8x 

      • Led voor systeemonderhoud brandt 

      • Pomp komt niet onder druk 

      • Geklop uit hogedrukpomp 

      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is. 

      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is 

      Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      Oorzaak:

      Temperatuurregelaar te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De temperatuurregelaar hoger instellen.

      Oorzaak:

      De schakelaar van het apparaat staat niet op warm water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat op een hogere temperatuur instellen.

      Oorzaak:

      Watertekortbeveiliging in het veiligheidsblok is uitgeschakeld (led Service knippert 5 maal).

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      2. het apparaat op dichtheid controleren.

      Oorzaak:

      Maximumtemperatuurbegrenzer in de wateruitlaat (>  90 °C) is geactiveerd.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Temperatuurregelaar controleren.

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd (led Service knippert 4 maal)

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      Oorzaak:

      Rotatierichting verkeerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De polen in de apparaatstekker omwisselen.


      Het controlelampje Service knippert 1x

      Oorzaak:

      Lek in het hogedruksysteem

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer het hogedruksysteem en de aansluitingen op lekken.

      Het controlelampje Service knippert 2x

      Oorzaak:

      Fout in de spanningsvoorziening of stroomverbruik van de motor te hoog.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de spanningaansluiting en de netzekeringen.

      2. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje service knippert 3x

      Oorzaak:

      Motor overbelast of oververhit.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 4x

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 5x

      Oorzaak:

      Watertekort.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de wateraansluiting en de toevoerleidingen.

      Oorzaak:

      De reedschakelaar in de watertekortbeveiliging zit vast of de magneetzuiger is vastgelopen.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 6x

      Oorzaak:

      De vlamsensor heeft de brander uitgeschakeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 7x

      Oorzaak:

      Fout temperatuursensor wateruitlaat.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 8x

      Oorzaak:

      Communicatiefout.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Led voor systeemonderhoud brandt

      Oorzaak:

      Systeemonderhoud verbruikt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Systeemonderhoud bijvullen.

      Pomp komt niet onder druk

      Oorzaak:

      Sproeier uitgespoeld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Sproeier vervangen.

      Oorzaak:

      Niet genoeg water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      Oorzaak:

      Watertoevoerfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Fijnfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Vlotterklep zit klem.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleren of het ventiel vrij kan bewegen.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel lek.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De instellingen controleren.

      2. Indien nodig een nieuwe afdichting installeren.

      Oorzaak:

      Volumeregelventiel lekt of is te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De onderdelen van het ventiel controleren.

      2. De onderdelen vervangen als ze beschadigd zijn, of deze reinigen als ze vuil zijn.

      Oorzaak:

      Magneetventiel drukontlasting defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Het magneetventiel vervangen.

      Geklop uit hogedrukpomp

      Oorzaak:

      Waterpomp zuigt een kleine hoeveelheid lucht aan.

      Oplossing:

      Klantenservice

      1. Het aanzuigsysteem controleren en eventuele lekken verhelpen.

      Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.

      Oorzaak:

      Sproeier in de straalbuis verstopt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De sproeier controleren en reinigen.

      Oorzaak:

      Apparaat is verkalkt.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Ontkalk het apparaat.

      Oorzaak:

      Het schakelpunt van de overstroomklep is ontregeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De overstroomklep opnieuw afstellen.

      Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is

      Oorzaak:

      Lucht in de pomp.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat ontluchten.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel of afdichting veiligheidsventiel defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De veiligheidsklep of de afdichting vervangen.

      Oorzaak:

      Drukschakelaar defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Klantenservice

      Als de storing niet kan worden verholpen, moet het apparaat door de klantenservice worden gecontroleerd.

      • Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik 

      • Het controlelampje Service (rood) knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 1x 

      • Het controlelampje Service knippert 2x 

      • Het controlelampje service knippert 3x 

      • Het controlelampje Service knippert 4x 

      • Het controlelampje Service knippert 5x 

      • Het controlelampje Service knippert 6x 

      • Het controlelampje Service knippert 7x 

      • Het controlelampje Service knippert 8x 

      • Led voor systeemonderhoud brandt 

      • Pomp komt niet onder druk 

      • Geklop uit hogedrukpomp 

      • Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is. 

      • Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is 

      Brander ontsteekt niet of vlam dooft tijdens gebruik

      Oorzaak:

      Temperatuurregelaar te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De temperatuurregelaar hoger instellen.

      Oorzaak:

      De schakelaar van het apparaat staat niet op warm water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat op een hogere temperatuur instellen.

      Oorzaak:

      Watertekortbeveiliging in het veiligheidsblok is uitgeschakeld (led Service knippert 5 maal).

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      2. het apparaat op dichtheid controleren.

      Oorzaak:

      Maximumtemperatuurbegrenzer in de wateruitlaat (>  90 °C) is geactiveerd.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Temperatuurregelaar controleren.

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd (led Service knippert 4 maal)

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service (rood) knippert 1x

      Oorzaak:

      Rotatierichting verkeerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De polen in de apparaatstekker omwisselen.


      Het controlelampje Service knippert 1x

      Oorzaak:

      Lek in het hogedruksysteem

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer het hogedruksysteem en de aansluitingen op lekken.

      Het controlelampje Service knippert 2x

      Oorzaak:

      Fout in de spanningsvoorziening of stroomverbruik van de motor te hoog.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de spanningaansluiting en de netzekeringen.

      2. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje service knippert 3x

      Oorzaak:

      Motor overbelast of oververhit.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 4x

      Oorzaak:

      Afvoergas-temperatuurbegrenzer is geactiveerd.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De apparaatschakelaar op '0' zetten.

      2. Het apparaat laten afkoelen.

      3. Het apparaat inschakelen.

      Oorzaak:

      Storing treedt herhaaldelijk op

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 5x

      Oorzaak:

      Watertekort.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleer de wateraansluiting en de toevoerleidingen.

      Oorzaak:

      De reedschakelaar in de watertekortbeveiliging zit vast of de magneetzuiger is vastgelopen.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 6x

      Oorzaak:

      De vlamsensor heeft de brander uitgeschakeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 7x

      Oorzaak:

      Fout temperatuursensor wateruitlaat.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Het controlelampje Service knippert 8x

      Oorzaak:

      Communicatiefout.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Led voor systeemonderhoud brandt

      Oorzaak:

      Systeemonderhoud verbruikt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Systeemonderhoud bijvullen.

      Pomp komt niet onder druk

      Oorzaak:

      Sproeier uitgespoeld.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Sproeier vervangen.

      Oorzaak:

      Niet genoeg water.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Zorgen voor voldoende watertoevoer.

      Oorzaak:

      Watertoevoerfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Fijnfilter vervuild.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Filter reinigen.

      Oorzaak:

      Vlotterklep zit klem.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Controleren of het ventiel vrij kan bewegen.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel lek.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De instellingen controleren.

      2. Indien nodig een nieuwe afdichting installeren.

      Oorzaak:

      Volumeregelventiel lekt of is te laag ingesteld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De onderdelen van het ventiel controleren.

      2. De onderdelen vervangen als ze beschadigd zijn, of deze reinigen als ze vuil zijn.

      Oorzaak:

      Magneetventiel drukontlasting defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Het magneetventiel vervangen.

      Geklop uit hogedrukpomp

      Oorzaak:

      Waterpomp zuigt een kleine hoeveelheid lucht aan.

      Oplossing:

      Klantenservice

      1. Het aanzuigsysteem controleren en eventuele lekken verhelpen.

      Het apparaat schakelt voortdurend aan/uit wanneer het hogedrukpistool open is.

      Oorzaak:

      Sproeier in de straalbuis verstopt.

      Oplossing:

      Bediener

      1. De sproeier controleren en reinigen.

      Oorzaak:

      Apparaat is verkalkt.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. Ontkalk het apparaat.

      Oorzaak:

      Het schakelpunt van de overstroomklep is ontregeld.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De overstroomklep opnieuw afstellen.

      Apparaat schakelt niet uit wanneer het hogedrukpistool gesloten is

      Oorzaak:

      Lucht in de pomp.

      Oplossing:

      Bediener

      1. Het apparaat ontluchten.

      Oorzaak:

      Veiligheidsventiel of afdichting veiligheidsventiel defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De veiligheidsklep of de afdichting vervangen.

      Oorzaak:

      Drukschakelaar defect.

      Oplossing:

      Serviceafdeling

      1. De klantenservice op de hoogte brengen.

      Garantie

      In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode gratis, voor zover een materiaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt maken van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde geautoriseerde klantenservice.

      Meer informatie vindt u onder: www.kaercher.com/dealersearch

      Meer informatie over de garantie (indien beschikbaar) vindt u in het servicegedeelte van uw lokale Kärcher-website onder "Downloads".

      Toebehoren en reserveonderdelen

      Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveonderdelen. Deze garanderen een veilige en storingsvrije werking van het apparaat.

      Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.

      EU-conformiteitsverklaring

      Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachte uitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest deze verklaring zijn geldigheid.

      Product: Hogedrukreiniger

      Type: 1.030-xxx

      Relevante EU-richtlijnen

      2000/14/EG

      2006/42/EG (+2009/127/EG)

      2009/125/EG

      2011/65/EU

      2014/30/EU

      Toegepaste geharmoniseerde normen

      EN IEC 63000: 2018

      EN 55014-1: 2017 + A11: 2020

      EN 55014-2: 1997 + A1: 2001 + A2: 2008

      EN 60335-1

      EN 60335-2-79

      EN 61000-3-2: 2014

      EN 61000-3-3: 2013

      EN 62233: 2008

      Toegepaste bepaling(en)

      (EU) 2019/1781

      Toegepaste conformiteitswaarderingsprocedure

      2000/14/EG: Bijlage V

      Geluidsvermogensniveau dB(A)

      HDS Classic

      Gemeten: 97

      Gegarandeerd: 100

      Toegepaste nationale normen

      -

      De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.


      Gevolmachtigde voor de documentatie:

      S. Reiser

      Alfred Kärcher SE & Co. KG

      Alfred-Kärcher-Str. 28 - 40

      71364 Winnenden (Germany)

      Tel.: +49 7195 14-0

      Fax: +49 7195 14-2212

      Winnenden, 2022/10/01

      Technische gegevens

        

      Elektrische aansluiting
      Netspanning
      400 V
      Fase
      3 ~
      Netfrequentie
      50 Hz
      Beschermingsgraad
      IPX5
      Beschermingsklasse
      I
      Aansluitvermogen
      11 kW
      Netbeveiliging (type C, gL/gG)
      25 A
      Maximaal toegestane netimpedantie
      (0.3007+j0.1879) Ω
      Wateraansluiting
      Toevoerdruk (max.)
      1 (10) MPa (bar)
      Toevoertemperatuur (max.)
      30 °C
      Toevoerdebiet (min.)
      2100 (35) l/h (l/min)
      Minimumlengte watertoevoerslang
      7,5 m
      Minimumdiameter watertoevoerslang
      1 Inch
      Gegevens capaciteit apparaat
      Opbrengst, water
      870-1730 (14,5-28,8) l/h (l/min)
      Werkdruk water met standaard mondstuk
      5-18,3 (50-183) MPa (bar)
      Overdruk veiligheidsventiel (maximum)
      23,5 (235) MPa (bar)
      Bedrijfstemperatuur warm water (maximum)
      93 °C
      Brandervermogen
      108 kW
      Stookolieverbruik (max.)
      6,5 kg/h
      Reactiekracht van het hogedrukpistool
      95 N
      Sproeiergrootte van de standaardsproeier
      100
      Afmetingen en gewichten
      Typisch bedrijfsgewicht
      255 kg
      Lengte x breedte x hoogte
      1320 x 770 x 920 mm
      Brandstoftank
      30 l
      Hogedrukpomp
      Hoeveelheid olie
      1,2 l
      Type olie
      15W40
      Brander
      Brandstof
      Stookolie EL, diesel, diesel B7/B10 of HVO 100
      Berekende waarden conform EN 60335-2-79
      Geluidsdrukniveau LpA
      82 dB(A)
      Onzekerheid KpA
      3 dB(A)
      Geluidsvermogensniveau LWA + onzekerheid KWA
      100 dB(A)
      Hand-arm-vibratiewaarde
      5,6 m/s2
      Onzekerheid K
      2,1 m/s2
      <BackPage>

       

        

       



      </BackPage>